prfct - no redundancy, just prfct!
Gedichten
vrij werk
 
 
Lang
 
De neus van Pinoccio is het.
 De rij bij de kassa op koopzondag.
De Troonrede van de koningin.
Het antwoord van een minister op een korte vraag.
De tijd die je moet wachten bij de tandarts.
Telefoongesprekken met je moeder.
De weg naar huis met een lekke band.
De lindelaan waar Lotje leerde lopen.
De marathon (de halve trouwens ook).
Eenzame nachten.
Het leven van prinsessen in een sprookje.
De wandeling naar Santiago de Compostella.
Een beroemde Chinese pianist.
Leven in de gloria.
Ook dit gedicht is lang,
zeker als je niet kunt lezen wat er staat.
 
Bijdrage aan het Langste Gedicht, Week van de alfabetisering 2011.
 
na Utøya
iedereen wenst te geloven
dat de slachter van Utøya
een krankzinnige eenling is.
 
niemand durft te bedenken
dat hij doelbewust en weloverwogen
tot deze gruweldaad is overgegaan,
dat hij alleen de volgende stap zette
vanuit zijn stellige overtuiging,
gevoed door valse retoriek en
verwrongen maatschappijbeeld.
als de slachter van Utøya
geen gek was, dan zou de wereld
niet meer te begrijpen zijn.
 
de wereld ís niet meer te begrijpen.
asteroïde
 
een asteroïde
van  1,5 kilometer doorsnee
scheerde rakelings
langs de aarde
en miste haar op een kosmisch haar na
shit, bromde god,
alweer mis
ik moet toch eens aan een bril
Afterbeat speelt in Aalst
 
het was niet erg druk in Frank’s café,
slechts een enkele dorpeling had
het slechte weer getrotseerd
om naar Afterbeat te komen.
gelukkig komt er met de band
een handvol trouwe fans mee
dankzij facebook en een rondje mail
door de partner van de zanger.
 
de band begint nog niet meteen
maar neem eerst een half uurtje pauze
wie weet of het nog wat drukker wordt,
misschien begint hier wel alles later.
 
ik had het, denkt de zanger, kunnen weten,
midden in de zomervakantie op zaterdag
in Aalst of all places, had ik toch maar
een andere keer geboekt.
 
de bassist, dat zie je, zou liever thuis
zitte op de bank met een borrel en een boek,
de drummer vindt de borrel wel een
goed idee maar prefereert een dvd.
 
de slaggitarist heeft nog wat stemmen,
de geluidsman  checkt nog een keer de sound,
terwijl de sologitarist kijkt alsof hij niet
beter weet dan dat het gaat zoals het gaat.
 
de band werkt zich als een goed geoliede
machine door het repertoire van sixties hits,
geen tel routine, het samenspel is grandioos
al is de akoestiek die van een kartonnen doos.
de fans klappen trouw na elk nummer
wagen zich nu en dan zelfs aan een dansje,
maar het lijkt nooit op de hossende massa
waar je als band zo’n kick van krijgt.
 
maar geen gezeur, volle kracht vooruit
 de show must go on tot het bittere eind; 
je bent een band  óf een clubje mannen
met een uit de hand gelopen hobby.
Onze overbuurman (Wiebe) speelt bij Afterbeat.
Het gedicht is een ode aan alle 'amateur'-bands die zich uit de naad werken om hun passie voor muziek met anderen te delen.
 
mooi meisje
was ik maar een mooi meisje dat goed kon zingen.
als ik dan moeder werd, zouden mijn kinderen
tegen hun vrienden en vriendinnen zeggen
‘mijn mama’ (korte stilte) ‘die is zangeres’
maar ik ben een vent, ook nog geen hele knappe.
als mijn kinderen op het schoolplein vertelden
‘mijn vader, die is leraar en ook dichter’
was dat voor hun nou niet direct reclame
 
het is een kwestie van verkeerde plaats en tijd
van zaad en eicel, hormonen en chromosomen;
ik maak er maar iets van en berust in de situatie
want ik ben niet het type voor zo’n soort operatie.
 
misschien is er op de lange duur nog perspectief:
ik denk dat ik mee ga doen aan reïncarnatie.
Titelgedicht van de bundel 'was ik maar een mooi meisje'.
Geinspireerd door een optreden tijdens een bijeenkomst van Poethement.
ogenblik
 
ze probeert niet te bewegen
het hoofd licht gedraaid
alsof ze in het omzien
nog iets zeggen wil
 
haar ogen vluchtig als water
op de grens tussen staren en kijken
tussen geheim en onthulling
terugzien en aanschouwen
 
terwijl de stilte neer druppelt
denkt ze wellicht aan wensen
die onuitgesproken bleven
een belofte die beter nooit was gedaan
 
haar hart pompt verlangen
een ader pulseert van verwarring
ze luistert maar hoort geen violen
alleen het fluisterend penseel
 
want de schilder ziet haar niet
geen ziel en ook geen spiegel
hij wil alleen dit ogenblik
dit licht voor eeuwig bevriezen
Bij: Het meisje met de parel, Johannes Vermeer
.
passer domesticus
ze golden zo’n beetje als uitschot
plebs met vleugels deugnieten
kruimeldieven straatjeugd
ze hadden hun uiterlijk niet mee
dat stompe snaveltje die kraalogen
en hun anonieme bruine verenpak
met hun taaltje van één lettergreep
waarin ze onophoudelijk kwebbelden
gaven ze geen blijk van ontwikkeling
hebberig maar ook met niks tevreden
loerden ze vanuit heg en haag op
broodkorst stukjes koek of paardenmop
in een oogwenk doken ze op
met zijn allen maar nooit samen
en even rap gingen ze er weer vandoor
ze leken alomtegenwoordig in
parken achtertuinen akkers en
op drukbevolkte terrassen in de stad
ze verdwenen haast onopgemerkt
ze verhuisden nergens naartoe
de huismus ging gewoon voorbij
 
.
Fukushima
opnieuw laat de natuur zien
dat ze de mensheid niet vriendelijk gezind is
zei de nieuwslezer met enig melodrama,
waardoor de stupiditeit van zijn opmerking
werd gemaskeerd.
 
er kwamen beelden voorbij
van auto’s en boten
die werden meegesleurd door de  vloedgolf
alsof het blokjes piepschuim waren,
van mensen die in dolle paniek
onder bureaus doken
of haastig hun (misschien wel allerlaatste)
boodschapjes deden
terwijl de winkelschappen om hen heen omvielen .
 
en ja, natuurlijk is het vreselijk
hoe de aarde kan schudden en breken,
hoe de zee als een muur het land verwoest.
maar dat is nog geen teken van onbehagen,
het is gewoon wat het is
en als er veel mensen bij omkomen
is dat een catastrofe,
maar geen samenzwering van natuurkrachten.
het is stomme pech 
in combinatie met gebrekkig inzicht.
.
wijnproeverij
 
we hadden die zondag een feestje
bij vrienden voor een verjaardag.
het werd geen gewoon feestje
waar je wat in een kring zit te kletsen,
er werd een wijnproeverij gehouden
 
onder leiding van een kundige liefhebber
die alles wist van Spaanse wijnen:
de namen van druiven
de wettelijke kwaliteitsregels
bodemgesteldheid en klimaat
van de onderscheiden wijnstreken.
 
er waren drie ronden van twee wijnen
ze werden steeds ouder en interessanter.
 
de eerste wijn was een beetje bitterzuur
de tweede wat ronder (vond iedereen,
al wist niemand goed wat ‘ronder’ inhield),
de derde en vierde wijn hadden een goede neus
en een tintelende afdronk,
de vijfde werd vergeleken met een jeugdige vrouw
en de zesde met een wulpse verleidster.
 
ik dacht niet aan Fukushima,
niemand leek te denken aan Fukushima.
als het in de weken daarvoor niet dagelijks
groot in het nieuws was geweest
zou je denken dat Fukushima niet bestaat.
 
maar die middag was het afvalwater
in de kerncentrales van Fukushima
tien miljoen keer meer radioactief
dan maximaal toegestaan.
technici bestreden het onzichtbare monster
met minachting voor hun eigen leven.
 
wij waren het erover eens
dat het vijfde wijntje het lekkerst was.
.
nachtgedicht
 
het is nacht
geen maan het is zwaar bewolkt
een rolluik gaat ratelend dicht
en het begint te miezeren
dus
dit wordt geen gedicht
 
het is nacht
boven de stad ligt een deken
van nevel waarin het kunstlicht
vaalroze reflecteert
dus
dit wordt geen gedicht
 
het is nacht
wind uit het noordoosten
ijzige pijltjes op mij gericht
de hemel is als een wade zo wit
dus
dit wordt geen gedicht
 
het is nacht
diepblauw transparant
een obese maan ligt
gapend in haar hemelbed
dus
dit wordt geen gedicht
 
het is nacht
door de jaloezieën heen
zie ik het blinde gezicht
van de verbijsterde maan
en
hoor haar gedicht
Tgv Gedichtendag 2011 (thema: De nacht).
nachtverdriet
 
met het vallen van de avond komt verdriet de kamer in
mompelt een vaag excuus schuifelt rusteloos rond
verzet voortdurend kleine dingen
 
als de kamer stil en donker is komt verdriet overeind
nestelt zich bottenkrakend op het bed vlakbij mijn hoofd
en gaat onbedaarlijk zitten snikken
 
bij het krieken van de ochtend sukkelt verdriet in slaap
ineengedoken achter de kast waar het stoft naar droge niezen
en humt binnensmonds herinneringen
 
verdriet slaapt tot het middaguur, sluipt naar de keuken
staart daar naar zijn verlepte koffie en korzelig brood
en gaat tot de avond valt wat zitten knikkebollen
Tgv Gedichtendag 2011 (thema: De nacht).
wie schrijft
 
wie schrijft schrapt
en schaaft en schilt de grauwe truffels
die hij opwoelt uit de humus van het brein
wie schrijft maakt vuile handen
wie schrijft vermaalt
de doerians uit het woud van verbeelding
vermengt ze met papier en zwarte lijm
wie schrijft spuwt duizend zaden
 
wie schrijft kerft
tekens in de elastieken huid
iconen van verraad en trouw
wie schrijft krast met lange pennen
 
wie schrijft baart
geschiedenissen waarin iedereen wil geloven
volk in de woestijn, man aan het kruis
               wie schrijft meet zich met god
 
wie schrijft wist
wat geheim was, verdoezelt feit en fictie,
verwisselt waarheid en onthulling
               wie schrijft neemt alles letterlijk
wie schrijft zwijgt
in alle onuitsprekelijke talen
spreekt zonder adem halen
wie schrijft leeft verder zonder stem
 
wie schrijft vertrekt
naar een paradoxaal universum
waar geen grens bestaat in ruimte noch in tijd
wie schrijft komt nooit meer thuis
 
Gedicht ter gelegenheid van prijsuitreiking bij de verhalenwedstrijd
‘het nieuwe overleven’, georganiseerd door Stichting LIST– november 2010
Website
mogelijk gemaakt
door Vistaprint