prfct - no redundancy, just prfct!
Stadsgedichten
 
FAKKELTOCHT 24 DECEMBER 2011
 
lopend vuur
 
we leven in een tijd van spanning en crisis
waar winst voor de een voor de ander verlies is
strijdige belangen en botsende visies
leiden tot wantrouwen en polarisatie
vlucht in traditie en miscommunicatie
 
we lopen te vaak om elkaar heen
bang voor korte lontjes of zere tenen.
maar we moeten met ons allen niet willen
dat we alleen nog letten op de verschillen
en onze energie aan wantrouwen verspillen.
 
laat angst niet je keuzes bepalen
en ga niet twijfelen aan je idealen.
we moeten de kracht uit onszelf halen
de wereld laat zich niet zomaar veranderen
maar de toekomst ligt in onze handen.
 
we hebben de macht om op te staan
de keuze om samen verder te gaan.
we moeten ons niet uit het veld laten slaan
met elkaar kunnen we de uitdaging aan.
 
steek daarom een hand uit over de muur
van taal, politiek, religie en cultuur.
maak een buur van je vriend
en een vriend van je buur
en verspreid het verhaal als een lopend vuur.
 
 
lekke schuit
 
kerst is een feest van delen en geven
respect voor de zwakken en medeleven
 
helaas is dat iets wat ik maar weinig zie
in de wereldpolitiek en de economie
 
gokkers en graaiers gaan aan de haal
met wat bedoeld was voor ons allemaal
 
het is onethisch en niet te snappen
de zwakken krijgen de eerste klappen
 
wie weinig had raakt ook dat nog kwijt
dat is toch een raar soort solidariteit
 
de malaise treft ons allemaal
biet alleen financieel maar vooral sociaal
 
armoede is geen individueel probleem
het is een mankement aan het systeem
 
we zitten allemaal in dezelfde lekke schuit
alleen samen komen we er weer uit
 
engel
 
ooit, in een ver verleden, zo wordt verteld
lagen herders bij nacht in het veld
toen verscheen er boven hun hoofden
een engelenkoor dat vrede op aarde beloofde
 
drie wijzen volgden een ster of een komeet
ze waren naar een koning op zoek en
vonden in een boerenkeet
een man en een vrouw met een baby in doeken
 
daarna verdween het gezin
ze zochten elders hun heil
in het holst van de nacht
op de vlucht voor de bezetter
beschuldigd en verdacht
met op hun jas een letter
 
de herders verzamelden hun schapen
de wijzen klommen op hun kameel
en trokken verder zonder een spoor
sindsdien is er niet meer veel
van zingende engelen gehoord
 
laatst sprak een engel me aan op straat
gekleed in een tamelijk sjofele jas
Zonder vleugels en hij keek nogal kwaad
hij zong niet maar zei vrij kortaf:
 
het is een bende hier beneden
en er is meer oorlog dan vrede
het is voor de wereld erop of eronder
maar reken niet op een wonder
de tijden zijn niet meer als toen
jullie zullen het zelf moeten doen
 
 
het jaar 0
 
in 2011 zijn heel veel mensen
er weinig op vooruit gegaan
je was al blij als je kon blijven staan
 
je hoeft niet helderziend te zijn
om te voorspellen dat ook volgend jaar
de crisis regeert in krant en journaal
 
men zegt dat volgens de mayakalender
in 2012 het einde van de wereld komt
waarschijnlijk is dat flauwekul.
 
maar als het dan afgelopen zou zijn met
het grote graaien en het onzinnig geweld
dan begin ik met plezier opnieuw bij het jaar 0
 
 
Op verzoek van Samenwerking Minima Eindhoven lees ik enkele gedichten na afloop van de Fakkeltocht op de vooravond van Kerst.
 
moeders
 
moeders doen graag overhemdenknoopjes dicht
strijken snel de pluisjes van je schouder
geven een kus op de plek waar het pijn doet
vegen met een natte vinger plekjes van je wang
controleren of je je handen wel gewassen hebt
en roepen haal nog even een kam je haar
doe je kraag recht en met die broek kun je echt
niet meer naar buiten je hebt ook je t-shirt andersom
moeders willen geen bloemen op graven schikken
moeders willen geen dromen vol verschrikkelijke beelden
moeders willen geen langzaam verkleurende foto’s in een kast
ze willen degenen die ze liefhebben
vast kunnen houden, van ze genieten en voor ze zorgen
ze willen niet steeds terug moeten denken aan gisteren
maar leven met het oog op morgen
 
vicieuze cirkel
 
we leven in een tijd van spanning en crisis
waar winst van de een voor de ander verlies is.
de wereld raakt in een vicieuze cirkel verstrikt
van verwoestende oorlog en bitter conflict.
 
wie ook als winnaar tevoorschijn komt uit de strijd
de moeders zijn altijd de verliezende partij.
ze raken niet alleen huis en haard kwijt
maar ook hun man, hun kinderen of allebei.
 
zijn de legers vertrokken, de akkoorden gesloten
de camera’s weg naar een andere brand
dan blijft het land achter, verwoest en gebroken
maar daarover komt zelden meer iets in de krant.
 
hoe zwaar ze ook zijn gekwetst en beschadigd,
voor moeders is er geen rust en geen weg terug.
ze torsen een last met een ondraaglijk gewicht
hun leven wordt tot een voorwaartse vlucht.
 
de moeders zullen bijna nooit protesteren
ze ploeteren verder en werken hard.
maar hopen in stilte dat de wereld ooit zal leren
luisteren naar het fluisteren van hun hart.
mevrouw Nguyen
 
mevrouw Nguyen
kijkt veel naar buiten
en meestal is ze stil
soms pakt ze een tissue
om haar neus te snuiten
en kijkt weer naar buiten
 
als je aan haar vraagt
of alles goed is met haar
antwoordt ze glimlachend
dat het allemaal wel gaat
maar ze kijkt je niet echt aan
want ze kijk naar buiten
 
mevrouw Nguyen
laat heel soms een foto zien
zwart wit en met een vouw erin
waarop zij staat veel jonger
met drie kinderen en haar man
in de tuin gezellig buiten
schoen
 
ze had alleen nog maar een schoen
alleen nog een schoen om vast te houden
en aan haar wang te drukken
haar wang onder de hoofddoek
de feestelijke hoofddoek
die ze droeg omdat het feestdag was
de feestdag waarop ze zich verheugde
eindigde in een slagveld
waar de dood vrij spel had
en haar honderdvoudig achterliet
met alleen nog
een sjaal
een kledingstuk
een schoen
 
met haar zoon stierf zij als moeder
toekomst veranderde op slag
in onvoltooid verleden tijd
terwijl zij schreeuwde
mijn zoon
en huilde met in haar hand
een schoen
van ver
 
haar gezicht is de kaart van een dorre streek
waar niemand uit vrije wil naar toe komt of blijft
en waar niemand weg gaat om er terug te keren
 
een land met meer ongemak dan genoegens
waar niet wordt gerekend in jaren maar in dagen
waar elke droom en ieder plan begint met ‘misschien’
zij is van ginds ver weg uit onbeschreven achterland
een land waar water schaars is, de zon brandt en de wind…
waar oogsten karig zijn en tegenslagen overvloedig
 
toch hield ze van dat land tot de soldaten kwamen
bevrijders of beschermers ze waren even wreed
ze zaaiden dood en gaven niets voor alles wat ze namen
 
nu bivakkeert ze godweet hoe lang nog in een tentenkamp
met honger en ziekte als buren, met de tijd als vijand
en verjaagt de vliegen die de ogen van haar kind belagen
 
ze weet niet wat ze van de toekomst mag verwachten
en kan alleen maar wachten wachten wachten
stranden
 
zij heeft het teken aan de wand gezien
en vreesde voor haar leven.
zij heeft gehuild van angst en woede
maar wist dat zij nooit kon winnen.
zij moest slinks verdwijnen als een dief
terwijl haar de toekomst was ontnomen.
zij had weinig meer om mee te nemen
en niemand om nog naartoe te gaan.
zij was beroofd van alles wat ze had
behalve haar pijnlijke herinneringen.
 
zij kwam terecht in een vreemd land
waar weinigen haar taal verstonden.
zij werd er officieel toegelaten
maar niet vriendelijk onthaald.
ze werd gescreend en ondervraagd
en zag haar leven veranderen in een dossier.
ze doolde en verdwaalde soms
in een woud van regels en instanties.
 
ze is misschien wel veilig hier
maar voelt zich niet echt welkom.
ze was op zoek naar een nieuw thuis
maar vond hier tijdelijk onderdak
 
zij wilde haar leven hier opnieuw beginnen
en niet stranden aan het einde van haar vlucht.
 
Tijdens Serieuzzz Live was ik vier dagen te gast in het Glazen Huis om met een gedicht even stil te staan bij het thema van de actie Serious Request 2012: Moeders die geconfronteerd worden met oorlog en conflictsituaties. Elke dag heb ik twee gedichten voorgedragen.
briefje uit minsk
lieve jongen  ik wilde dat je hier was
maar niemand weet waar je bent.
ik mis je elke tel van elke dag.
je bent niet hier, meer weet ik niet.
 
het is hier nog steeds zoals het was.
in de winter is het nat en koud
de zomers benauwd en wisselvallig.
je begrijpt wel wat ik hiermee bedoel.
 
de mensen hier hebben er vrede mee.
ze hebben wat ze hebben
en willen liever niets verliezen
en vinden dat we krijgen wat we verdienen.
 
de buren lijken je niet te missen.
ze vragen nooit iets over je.
ze  doen alsof je niet bestaan hebt
en wachten niet op je terugkeer.
 
vrienden bekijken me met medelijden
en een zweem van ongeduld.
met hun oorverdovend zwijgen
pleiten ze zich vrij van schuld.
 
misschien ken je
ons telefoonnummer niet meer.
of vergist de postbode zich
steeds in het adres.
 
misschien ben je vertrokken
naar een land dat niet bestaat.
of zit je opgesloten
in een gevangenis die niet bestaat.
 
het lijkt wel of je bent opgelost in lucht
dus zucht ik soms heel diep
en hoop dan dat er
weer iets van jou  bij me is.
 
Elk jaar wordt in Eindhoven de vermissing herdacht van vier mannen uit Wit-Rusland, dat geregeerd wordt door de laatste en meest autoritaire dictatuur van Europa. Meer informatie: www.vierbomen.nl
Wood circle – Richard Long
 
Voor sommigen is het een karrenvrachtje kachelhout
(de kleine takken om het vuur op gang te brengen
de stronken om knapperend de kilte te verdrijven)
een bundel drijfhout voor de handel. Maar anderen
 
zien het als zuiver toonbeeld van  kunst waarin
niet de materie telt (evenmin als brons of canvas)
maar het grensverleggende idee, dat vragen oproept
zonder er ooit een te beantwoorden. Misschien
 
is het niet meer dan een verhaal: hoe iemand
zich duizend keer bukte, iedere tak met zorg bekeek
(want elk ervan moest passen in het grote beeld) en
als Sisyfos zijn vondsten met zich mee moest torsen. Of
 
het is een gedicht van 480 gestamelde lettergrepen,
een ode aan wat ongemerkt verdwijnt en daardoor
zonder waarde lijkt, zoals de dag van gisteren,
een andere zomer, god en je eerste liefde. In elk geval
 
is deze tijdelijke ordening van krommen geen
cirkel die een einde markeert of iets omsluit.
Dit is het vluchtige gebaar waarmee
ruimte en tijd, stof en idee elkaar teder omarmen.
Het kunstwerk 'Wood circle'  van rochard Long dreigt verloren te gaan voor Eindhoven vanwege de wens van de eigenaar om het werk te verkopen. Medewerkers van Het Van Abbe Museum zetten een actie op touw om een deel van de aankoopsom bij elkaar te brengen. Meer informatie: www.voordekunst.nl
Foto: Ron Eijkman
nieuw volk
 
soms verschijnt hier onder schep en veger van archeologen
de bleke schaduw van een houten huis met haard,
dat millennia geleden warmte bood en de schijn
van veiligheid tegen hoog water, noodweer en gespuis.
 
veel was hier niet, voorheen, alleen maar drassig land
en woeste grond met hier en daar een boerderij
op een blikske of hoog gelegen op aanschot
van Ekkersrijt en Grote Beek, maar verder zand op klei.
 
de opkomst van de industrie bleef nagenoeg onopgemerkt,
al werden er in het Philipswijkje woningen gebouwd
om boeren met hun struise kinderen te verleiden
tot de moderne tijd met zijn vast loon en prikklok.
 
dit was dé uitgelezen plek voor een stuk moderne stad,
dus verdween de heide onder lagen zand en steen.
het oude wegenplan, de waterlopen raakten bedolven
onder de rechte snelle streken van de nieuwe eistijd.
 
ruim werd de buurt, licht luchtig en omringd door groen.
alles op de juiste plek om het leven aangenaam te maken
school, de peuterzaal, winkelcentrum, wijkgebouw,
ontsluitingswegen en een buslijn naar hartje stad
 
geschiedenis bestond hier niet, dus werd ze geleend
van oude boerderijen, Franse schrijvers, sprookjes,
Italiaanse opera’s, Amerikaanse jazzgiganten en
van edelstenen die hier nooit zijn gevonden.
 
het werd geen slaapwijk, maar gonsde van bedrijvigheid.
samen leven werd hier elke dag opnieuw uitgevonden.
de een bedenkt en doet wat een ander wenst, uit vrije wil
doet men wat kan en mag en niet alleen wat moet.
 
In Blixembosch woont nieuw volk
op oude, oude gronden
 
De buurt Blixembosch in Woensel-Noord bestaat dit jaar 20 jaar en dat wordt op grote schaal gevierd door de bewoners, dankzij de inzet van vele tientallen vrijwilligers.
  
licht en vrijheid
dag en nacht
zomer en winter
er is altijd en overal licht
licht
om te vertrekken en thuis te komen
om te werken of te relaxen
om te leren en te presteren
om ons te wekken en om bij weg te dromen
 
jong en oud
mannen en vrouwen
we zijn altijd en overal vrij
 
vrij
om te doen en om te laten
 te wikken en te wegen
te herdenken en te vergeten
om te zwijgen en om te praten
 
vrijheid schijnt net zo
vanzelfsprekend
als licht
 
maar waar zouden we zijn
zonder vrijheid,
waar zouden we zijn
zonder licht?
Gedicht voor Bevrijdingsfeest 2011, tevens start van de Lichtjesroute. 
niet meer nodig
 
stadions zijn niet meer nodig
iedereen kan voetbal zien op tv.
 
theaters zijn niet meer nodig
muziek,dans of toneel ‘t kan op dvd.
 
buurthuizen zijn niet meer nodig
we hebben toch social media.
 
scholen zijn niet meer nodig
we weten alles dankzij wikipedia.
 
musea zijn niet meer nodig
alle kunst kan digitaal.
 
bioscopen zijn niet meer nodig
op you tube vind je het allemaal.
 
sportzalen zijn niet meer nodig
thuis kun je bewegen met de wi-i.
 
speeltuinen zijn niet meer nodig
sinds je kunt gamen met playstation 3.
 
bibliotheken zijn niet meer nodig
want het papieren boek verdwijnt.
 
subsidies zijn niet meer nodig
omdat we al de gulste zijn
 
slimmer worden is niet nodig
omdat we al de slimste zijn.
Tgv acties tegen de bezuinigingen op subsidies voor cultuur en educatie,
waarbij vooral de Bibliitheek zwaar getroffen wordt.
18 septemberplein
waar nu pylonen van roestig staal
het dak van een winkelplein schragen,
waakte ooit de Woenselse poort
over de stadsgracht,
en op de houten brug
ratelden karren en klompen.
waar ooit de Gender stroomde,
levensader en open riool,
gaapt nu een muil van beton
die fietsen en oma’s verzwelgt,
en in de lekkende kelder eronder
is een stukje stadswal gestald.
 
ooit klonken hier de woeste kreten
van de plunderende legerbendes van Gelre,
het droge ketsen van Spaanse musketten,
ooit vielen hier met donderend geraas
de bommen.
nu slentert hier het winkelpubliek
in dichte drommen
over de markt van sier en vertier
feestend en shoppend, snackend en verzot
op plezier, verse vis en genot.
ooit lagen hier diep begraven
onder kabelbed en riolering:
beentjes en botten,
spiespunten en kogels,
oude sleutels en potten;
stukgegaan of weggesmeten,
kwijt of simpelweg vergeten.
 
nu liggen de relieken
van het lang vergaan verleden,
gemeten, gelabeld
en gecategoriseerd
veilig en droog in het archief
van de stadsarcheoloog.
Gedicht in het kader van het project 040plekken van de online-community www.eindhoven.dichtbij.nl.
De locatie werd aangegeven door Nico Arts, stadsarcheoloog van Eindhoven
Karel Vermeeren, beeld: Peter Nagelkerke
Karel Vermeeren (1912 – 1998)
omdat hij door wel drie muzen werd gekust
is hij behept met een tomeloze werklust
en toegewijd aan het ernstige spel van
kijken en verbeelden, bedenken en creëren.
 
hij is misschien geen Grote Meester
maar wel de bevlogen leraar
die niet zweert bij netheid, orde en vlijt
maar gelooft in de waarde van schoonheid.
 
het stadje waaraan hij is verknocht
wordt met grond en hart verkocht:
men dempt en  heit, sloopt en saneert,
de historie wordt geasfalteerd.
 
overal zijn de rechte blokkendozen
van de moderne tijd verschenen.
de plekken waaraan hij is gehecht
ziet hij stuk voor stuk verstenen.
 
het maakt hem boos en stemt hem triest
dat hij niets kan beschermen of sparen,
maar hij zit niet bij de pakken neer;
hij kan in elk geval de herinnering bewaren.
 
in de ban van macht en welvaart
breekt de stad met haar verleden
en offert zonder spijt en gêne
wat machteloos is en kwetsbaar.
 
hij sprokkelt als een chroniqueur
met liefde voor het frappant detail,
prenten, foto’s, anekdotes
over hoe het was en wat er is gebeurd.
 
hoe naarstig hij ook schrijft en tekent
de historie raast hem steeds voorbij.
met een knipoog naar het grote
doopt hij zichzelf Karel de Klène.
Tgv kunstmarkt op het Karel Vermeerenplantsoen, juli 2011.
Beeld Karel Vermeeren van Peter Nagelkerke
‘t Wasven
 
als de hemel bestaat
dan ligt die waarschijnlijk op een plek
waar je hem het minst verwacht
 
misschien is het een bos midden in de stad,
waar je naartoe gaat door een beukenlaan
en niet over een nevelig wolkenpad
 
een plek waar je kostelijk kunt eten en drinken
vers uit de tuin en vol van smaak,
geen leeg vertoon maar lekker gewoon.
 
Je kunt er ontspannen, actief of loom,
ongestoord wandelen, kletsen of spelen
en mijmeren onder de wereldboom.
 
Je ontmoet er mensen die zich niet vervelen
Maar met plezier en passie iets doen
En je daar graag in laten delen.
 
Er is altijd iets te ontdekken en te doen
of je nu een kleine bolleboos bent
of het moet doen met minder talent.
 
Het gaat er niet om schone schijn;
alles is eerlijk, duurzaam en echt
want hier telt alleen de lange termijn.
 
of de hemel bestaat
dat komen we zeker te weten,
helaas is het dan wel net te laat.
maar je kunt helemaal gratis
een voorproefje nemen
als je een keer naar ’t Wasven gaat.
Gedicht in het kader van het project 040plekken van de online-community www.eindhoven.dichtbij.nl. Het Wasven kun je ook op Internet bezoeken (niet zo leuk als in het echt): www.wasven.nl
Song Wei krijgt bezoek
Song Wei wordt opgehaald door een  verpleger
Li of Wu (hij weet nooit goed wie Li is en wie Wu)
je hebt bezoek, zegt Li (of Wu) en hij loopt mee
met schuifelpasjes die hij zich hier heeft aangewend
het is stil in het lokaal voor het bezoek
op  de groene plastic stoeltjes zitten maar
vier mensen waarvan twee westerlingen
de een is een vrouw de ander fotograaf
de vrouw lijkt hem een hand te willen geven
en als ze, volgens haar tolk, vraagt
hoe het met hem gaat, zegt hij beleefd: goed
(met beleefde mensen gaat het altijd goed)
de vrouw vertelt een lang verhaal in een taal
die hij van ver kent of van lang geleden
de tolk vertelt hem alleen dat zij (de vrouw)
uit Holland komt om met hem te praten
 
wat willen ze, vraagt hij indringend, zijn het
bekende journalisten, ah… het zijn kunstenaars
die hem, tolkt de tolk,  bezoeken
omdat hij beroemd schijnt te zijn
 
ach ja, denkt hij, ik schijn beroemd te zijn
hoe kon ik dat vergeten
in al zijn herinneringen vallen gaten
vervloekte medicijnen vervloekte lege dagen
 
praten zal hij en niet laten merken dat hij gek is
vooral laten merken dat hij niet gek is
dat hij hier niet vrijwillig is maar normaal
tussen al die vervloekte gekken om hem heen
hij vraagt een stuk papier en krijgt het plus een pen
hij vraagt een sigaret en krijgt een sigaret
hij zal het ze allemaal vertellen van die roem
maar dat is moeilijk zonder pen en sigaret
voortmaken, bedenkt hij met een schok
en werpt een snelle blik op de dubbele deur
met metalen platen waar ooit glas zat
(glas kan gevaarlijk zijn voor gekken)
 
hij heeft geen tijd meer voor vragen
en hij heeft ze ook niet nodig
want hij kan het hele verhaal wel dromen
en nu hij vertelt is het of hij droomt
 
de pen raast over het papier en noteert
plaatsen tijden van vertrek wat hij dronk en at
tot in het kleinste detail om te bewijzen
dat hij zichzelf is al is hij tijdelijk niet beroemd
hij bietst nog snel een sigaret
en maakt een schertsend grapje
zijn pen wijst in zijn notities de verbanden aan
tussen de haastig gekrabbelde karakters
de vrouw kijkt nogal met ronde ogen
haar tolk probeert wanhopig brokstukken
van zijn verhaal aan elkaar te praten
de fotograaf maakt foto’s daar is hij voor
 
de dubbele deur gaat open op een kier
groot genoeg voor de tronie
van het afdelingshoofd die altijd minzaam kijkt
want achter zijn rug staat Wu of Li
 
Li brengt hem zonder iets te zeggen
naar de afdeling terug en hij loopt gewillig mee
met die vervloekte schuifelpasjes
hij is gelukkig want hij heeft iets om op te wachten
 
Nav de expositie Global villaging in Onomatopee (mei 2011).
Werk en foto: Song Wei, Rieneke de Vries
Foto: Rieneke de Vries
Website
mogelijk gemaakt
door Vistaprint